AVA 1992
Algemene voorwaarden voor aannemingen in het bouwbedrijf 1992 (AVA 1992)
Artikel 1: OFFERTE 1. 2.
a. de plaats van het werk;
b. een omschrijving van het werk;
c. volgens welke tekeningen, technische omschrijvingen, ontwerpen en berekeningen het werk zal worden uitgevoerd;
d. het tijdstip van aanvang van het werk;
e. de termijn waarbinnen het werk zal worden opgeleverd;
f. de prijs van het in de offerte omschreven werk, de omzetbelasting daarin niet begrepen. De aannemer vermeldt in de offerte afzonderlijk het bedrag van de verschuldigde omzetbelasting;
g. of betaling van de aannemingssom in termijnen zal plaatsvinden;
h. of op het werk een risicoregeling van toepassing zal zijn, en zo ja welke;
i. of met stelposten rekening is gehouden, en zo ja met welke:
j. of hoeveelheden verrekenbaar zullen zijn, en zo ja welke;
k. de toepasselijkheid van deze algemene voorwaarden op de offerte en op de daaruit voortvloeiende aannemingsovereenkomst.
3. 4. 5.
a. een exemplaar van deze algemene voorwaarden;
b. een exemplaar van de in de offerte van toepassing verklaarde risicoregeling.
6.
Zij mogen niet aan derden ter hand worden gesteld of getoond met het oogmerk een vergelijkbare offerte te verkrijgen. Zij mogen evenmin worden gekopieerd of anderszins vermenigvuldigd.
Indien geen opdracht wordt verleend dienen deze bescheiden binnen 14 dagen na een daartoe door de aannemer gedaan verzoek franco aan hem te worden teruggezonden
7. Artikel 2: RISICOREGELING Onverminderd de toepasselijkheid van een risicoregeling voor de verrekening van wijzigingen van lonen en prijzen, blijven, ten aanzien van de opdrachtgever die bij het sluiten van de overeenkomst niet heeft gehandeld in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf, kostenverhogingen die zich voordoen binnen drie maanden na totstandkoming van de overeenkomst en het gevolg zijn van bedoelde wijzigingen van lonen en prijzen, voor rekening van de aannemer. Artikel 3: VERPLICHTINGEN VAN DE OPDRACHTGEVER 1.
-over de voor de opzet van het werk benodigde gegevens en goedkeuringen (zoals vergunningen, ontheffingen en beschikkingen), zo nodig in overleg met de aannemer;
-over het gebouw, het terrein of het water waarin of waarop het werk moet worden uitgevoerd;
-over voldoende gelegenheid voor aanvoer, opslag en/of afvoer van bouwstoffen en hulpmiddelen;
-over aansluitingsmogelijkheden voor elektrische machines, verlichting, verwarming, gas, perslucht en water.
2. 3. ArtikeI 4: AANSPRAKELIJKHEID VAN DE OPDRACHTGEVER 1. 2. 3. 4. 5. Artikel 5: VERPLICHTINGEN VAN DE AANNEMER 1.
De aannemer is voorts verplicht de door of namens de opdrachtgever gegeven orders en aanwijzingen op te volgen.
2. 3. 4. 5. 6. 7. Artikel 6: AANSPRAKELIJKHEID VAN DE AANNEMER 1. 2. Artikel 7: UITVOERINGSDUUR, UITSTEL VAN OPLEVERING EN SCHADEVERGOEDING WEGENS TE LATE OPLEVERING 1.
Werkdagen, respectievelijk halve werkdagen, worden als onwerkbaar beschouwd, wanneer daarop door niet voor rekening van de aannemer komende omstandigheden gedurende ten minste vijf uren, respectievelijk ten minste twee uren, door het grootste deel van de arbeiders of machines niet kan worden gewerkt.
2. 3. 4.
Bij de bepaling van de overschrijding van de termijn van oplevering geldt als dag van oplevering, in afwijking van het bepaalde in artikel 9, eerste lid, de dag waarop de aannemer overeenkomstig artikel 8, eerste lid, de opdrachtgever heeft uitgenodigd tot opneming van het werk, mits het werk vervolgens, overeenkomstig het bepaalde in dat artikel is of geacht wordt te zijn goedgekeurd.
5. Artikel 8: OPNEMING EN GOEDKEURING 1.
De opneming geschiedt zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen acht dagen na de hiervoor bedoelde dag. De opneming vindt plaats door de opdrachtgever in aanwezigheid van de aannemer en strekt ertoe, te constateren of de aannemer aan zijn verplichtingen uit de overeenkomst heeft voldaan.
2. 3. 4. 5. 6. 7. Artikel 9: OPLEVERING EN ONDERHOUDSTERMIJN 1. 2.
De onderhoudstermijn beloopt 30 dagen en gaat in onmiddellijk na de dag waarop het werk overeenkomstig het eerste lid als opgeleverd wordt beschouwd.
De aannemer is verplicht gebreken welke in de onderhoudstermijn aan de dag treden, zo spoedig mogelijk te herstellen, met uitzondering echter van die waarvoor de opdrachtgever op grond van artikel 4, eerste lid, verantwoordelijkheid draagt, of waarvoor hij op grond van artikel 4, tweede lid, aansprakelijk is
Artikel 10: AANSPRAKELIJKHEID NA OPLEVERING 1. 2.
Ingeval het in het eerste lid bedoelde gebrek echter als een ernstig gebrek moet worden aangemerkt, is de rechtsvordering niet ontvankelijk, indien zij wordt ingesteld na verloop van tien jaren na het verstrijken van de onderhoudstermijn. Een gebrek is slechts dan als een ernstig gebrek aan te merken indien het de hechtheid van het gebouw of van een essentieel onderdeel daarvan in gevaar brengt.
Artikel 11:SCHORSING, BEËINDIGING VAN HET WERK IN ONVOLTOOIDE STAAT EN OPZEGGING 1.
Schade die de aannemer tengevolge van de schorsing lijdt, dient hem te worden vergoed.
2. 3. 4. 5.
De aannemer zendt de opdrachtgever een gespecificeerde eindafrekening van hetgeen de opdrachtgever ingevolge de opzegging verschuldigd is.
Artikel 12: BOUWSTOFFEN 1. 2.
De keuring dient te geschieden bij de aankomst hiervan op het werk (eventueel op overeengekomen monsters) of bij de eerste gelegenheid daarna, mits in dat laatste geval de voortgang van het werk niet in gevaar komt. De aannemer is bevoegd bij de keuring aanwezig te zijn of zich te doen vertegenwoordigen.
3.
De daaraan verbonden kosten komen voor zijn rekening, behalve ingeval van afkeuring, in welk geval de kosten voor rekening van de aannemer komen.
Door de opdrachtgever ter beschikking gestelde bouwstoffen worden geacht te zijn goedgekeurd.
4. 5.
Alle andere bouwstoffen worden door de aannemer afgevoerd, onverminderd de aansprakelijkheid van de opdrachtgever op grond van artikel 4, vijfde lid.
6. Artikel 13: MEER EN MINDER WERK 1.
a. ingeval van wijzigingen in de overeenkomst dan wel de voorwaarden van uitvoering;
b. ingeval van afwijkingen van de bedragen van de stelposten;
c. ingeval van afwijkingen van verrekenbare hoeveelheden;
d. in de gevallen als bedoeld in artikel 11, eerste lid, en artikel 19.
2. 3. 4.
- het aanschaffen van bouwstoffen en het verwerken daarvan, hetzij
- het verrichten van werkzaamheden, welke op de dag van de overeenkomst onvoldoende nauwkeurig zijn bepaald en welke door de opdrachtgever nader moeten worden ingevuld. Ten aanzien van iedere stelpost wordt in de overeenkomst vermeld waarop deze betrekking heeft.
5. 6.
Deze kosten zullen echter worden verrekend ten laste van de stelpost, waarop de aanschaffing van die bouwstoffen wordt verrekend voor zover zij door de invulling die aan de stelpost wordt gegeven hoger zijn dan die waarmee de aannemer redelijkerwijs rekening heeft moeten houden.
7. 8. Artikel 14: BETALING IN TERMIJNEN 1. 2. 3. Artikel 15: EINDAFREKENING 1. 2.
- de aannemingssom
- een specificatie van het meer en minder werk
een specificatie van al hetgeen partijen overigens op grond van de overeenkomst van elkaar te vorderen hebben en hadden.
3.
De berekening van de door de opdrachtgever aan de aannemer te vergoeden omzetbelasting geschiedt afzonderlijk.
4. 5. Artikel 16: OPSCHORTING EN BETALING Indien het uitgevoerde werk niet voldoet aan de overeenkomst heeft de opdrachtgever het recht de betaling geheel of gedeeltelijk op te schorten. Het met de opschorting gemoeide bedrag dient in redelijke verhouding te staan tot de tekortkoming. Artikel 17: IN GEBREKE BLIJVEN VAN DE OPDRACHTGEVER 1.
Indien na verloop van 14 dagen na de vervaldag nog geen betaling heeft plaatsgevonden, wordt het in de voorgaande zin bedoelde rentepercentage met 2 verhoogd.
2.
Indien de aannemer tot invordering overgaat, zijn de daaraan verbonden buitengerechtelijke kosten voor rekening van de opdrachtgever. De aannemer is gerechtigd deze kosten te fixeren op 10% van de verschuldigde hoofdsom.
3. 4. Artikel 18: IN GEBREKE BLIJVEN VAN DE AANNEMER 1. 2. 3. Artikel 19: GEWIJZIGDE UITVOERING
Indien tijdens de uitvoering van het werk blijkt, dat het werk of een onderdeel daarvan door onvoorziene omstandigheden slechts gewijzigd kan worden uitgevoerd, treedt de partij die het eerst met deze omstandigheid bekend wordt in overleg met de andere partij.
De aannemer wijst de opdrachtgever daarbij op de financiële consequenties.
Een overeengekomen gewijzigde uitvoering wordt als meer en minder werk verrekend.
Artikel 20: ONMOGELIJKHEID VAN UITVOERING
Indien de uitvoering van het werk onmogelijk wordt doordat de zaak waarop of waaraan het werk moet worden uitgevoerd tenietgaat of verloren raakt zonder dat dit aan de aannemer kan worden toegerekend, is deze gerechtigd tot een evenredig deel van de overeengekomen prijs op grondslag van de verrichte arbeid en gemaakte kosten.
In geval van opzet of grove schuld van de opdrachtgever heeft de aannemer recht op een bedrag berekend overeenkomstig artikel 11, vijfde lid.
Artikel 21: GESCHILLEN 1. 2. 3. Toelichting1 AVA 1992 Het Bouwproces nader belicht In het hierna volgende overzicht wordt aangegeven op welke momenten in het bouwproces de AVA 1992 de aannemer tot opletten of zelfs tot handelen noopt. Getracht is het bouwproces zoveel mogelijk stap voor stap te volgen. Eerst wordt de situatie beschreven dat een aannemer een overeenkomst van aanneming heeft gesloten, daarna komt de situatie aan bod dat de aannemer een regieovereenkomst heeft gesloten. AVA 1992, aanneming van werk 1. Offerte
- Indien de aannemer zijn offertekosten vergoed wil zien voor het geval het niet tot een opdracht komt, zal hij dit voor het uitbrengen van de offerte aan de opdrachtgever moeten meedelen (art. 1 lid 7).
- Indien bij het uitbrengen van een offerte geen gebruik wordt gemaakt van het standaard offerteformulier en de aannemer de AVA 1992 wel van toepassing wil verklaren, dient hij een exemplaar van de AVA 1992 met de offerte mee te sturen (art. 1 lid 5 sub a).
- Indien de aannemer in de offerte verwijst naar een risicoregeling, dient hij die risicoregeling met de offerte mee te sturen (art. 1 lid 5 sub b).
- Indien de aard van het werk daartoe aanleiding geeft, stelt de aannemer zich voor aanvang van het werk op de hoogte van de ligging van kabels en leidingen (art. 5 lid 4). Omdat de ligging van kabels en leidingen van invloed kan zijn op de prijsaanbieding, doet de aannemer er verstandig aan reeds in het offertestadium informatie te verzamelen over de ligging van kabels en leidingen (indien de aard van het werk daartoe aanleiding geeft).
2. Verplichtingen opdrachtgever
- De opdrachtgever dient te zorgen voor de voor opzet van het werk benodigde gegevens en goedkeuringen. De aannemer dient de (vaak ondeskundige) opdrachtgever desgevraagd wel bij te staan met advies terzake (art. 3 lid 1).
- De opdrachtgever dient zorg te dragen voor aansluitingsmogelijkheden voor elektrische machines, verlichting e.d. (art. 3 lid 1). Bij een particuliere opdrachtgever zal de aannemer er rekening mee moeten houden dat deze niet eenvoudig voor aansluitingsmogelijkheden kan zorgen die afwijken van de voor privé-gebruik gangbare aansluitingsmogelijkheden (bijvoorbeeld krachtstroom).
- De opdrachtgever dient te zorgen voor voldoende gelegenheid voor aanvoer, opslag en afvoer van bouwstoffen en hulpmiddelen (art. 3 lid 1). Indien de aannemer op dit gebied speciale wensen heeft, doet hij er verstandig aan dit vooraf aan de opdrachtgever te melden.
- Indien de aannemer vertraging ondervindt doordat de opdrachtgever niet aan zijn in art. 3 lid 1 genoemde verplichtingen voldoet (voor gegevens en goedkeuringen zorgen; zorgen dat de aannemer er feitelijk bij kan; zorgen voor aanvoer, opslag en afvoer van bouwstoffen en hulpmiddelen; zorgen voor aansluitingsmogelijkheden), dient de aannemer de opdrachtgever daarop - liefst schriftelijk - te wijzen onder vermelding van tijd- en kostenconsequenties. Zie hierna onder 7.
3. Bouwstoffen
- Indien de opdrachtgever bouwstoffen wenst te keuren, dient de aannemer hem hiertoe de gelegenheid te geven bij aankomst van de bouwstoffen op het werkterrein (art. 12 lid 2).
- Indien de opdrachtgever te kennen geeft dat hij uit het werk komende bouwstoffen wenst te behouden, dient hij deze zelf te verwijderen (art. 12 lid 5).
4. Waarschuwingsplicht 1 Deze toelichting is aangepast door Bouwend Nederland in december 2005 - De aannemer is verplicht de opdrachtgever te wijzen op onvolkomenheden in door of namens de opdrachtgever voorgeschreven constructies en werkwijzen en in door of namens de opdrachtgever gegeven orders en aanwijzingen, alsmede op gebreken in door de opdrachtgever ter beschikking gestelde of voorgeschreven bouwstoffen en hulpmiddelen, voorzover de aannemer deze kende of redelijkerwijs behoorde te kennen (art. 5 lid 6). De aannemer dient zich te realiseren dat zijn waarschuwingsplicht zwaarder weegt naarmate de opdrachtgever minder deskundig is. 5. Meerwerk - Indien de opdrachtgever meerwerk wenst, moet de aannemer vooraf schriftelijk op de daarmee gemoeide prijsverhoging wijzen. Sinds 1 september 2003 is in het burgerlijk Wetboek bepaald, dat de aannemer alleen dan betaling van het meerwerk kan verlangen, als hij de opdrachtgever tijdig heeft gewezen op de noodzaak van de daaruit voortvloeiende prijsverhoging. Dit is alleen anders als de opdrachtgever die noodzaak (van de prijsverhoging) uit zichzelf zal moeten begrijpen. De bewijslast hiervan rust op de aannemer. Kortom, de aannemer zal vooraf schriftelijk moeten wijzen op de noodzakelijke kosten van het meerwerk, wil de opdrachtgever gehouden zijn tot betaling. Van deze wettelijke bepaling mag niet worden afgeweken. Een model waarschuwingsbrief treft u aan onder Bouwproces (modellen algemeen) - 7. waarschuwingsbrief titel 7.12 BW. 6. Termijnbetaling
- Indien betaling van de aannemingssom in termijnen plaatsvindt, dient de aannemer de termijnfacturen bij of na het verschijnen van de betalingstermijnen te verzenden (art. 14 lid 1).
- De aannemer is bevoegd het bedrag van een termijn op de factuur te verhogen met een kredietbeperkingstoeslag van maximaal 2%. Deze toeslag wordt verschuldigd indien betaling plaatsvindt na de vervaldag (art.14 lid 2).
- Indien de opdrachtgever niet tijdig betaalt, is hij wettelijk rente verschuldigd met ingang van de vervaldag (art. 17 lid 1). Indien na 14 dagen na de vervaldag nog steeds geen betaling heeft plaatsgevonden, wordt het rentepercentage met 2 verhoogd (art. 17 lid 1).
- Indien de opdrachtgever niet tijdig betaalt, is de aannemer bevoegd tot invordering, mits hij de opdrachtgever schriftelijk heeft aangemaand om alsnog binnen 7 dagen te betalen en die betaling is uitgebleven (art. 17 lid 2). De aannemer die tot invordering wenst over te gaan, zal de opdrachtgever dus eerst schriftelijk moeten aanmanen om alsnog binnen 7 dagen te betalen. Indien de aannemer tot invordering overgaat kan hij aanspraak maken op vergoeding van buitengerechtelijke kosten. De aannemer kan deze kosten fixeren op 10% van de verschuldigde hoofdsom (art. 17 lid 2).
- Indien de opdrachtgever een termijn niet tijdig betaalt, is de aannemer bevoegd het werk stil te leggen, mits de aannemer een aanmaning heeft verzonden om alsnog binnen 7 dagen te betalen en die betaling is uitgebleven (art. 17 lid 3). De aannemer die het werk wenst stil te leggen, zal de opdrachtgever dus eerst schriftelijk moeten aanmanen binnen 7 dagen te betalen.
- De aannemer die het werk wenst stil te leggen, dient de opdrachtgever tevoren schriftelijk te wijzen op het feit dat het risico voor het werk gedurende het stilleggen niet voor rekening van de aannemer komt (art. 17 lid 4).
7. Tijd
- De aannemer heeft onder meer recht op schadevergoeding en termijnverlenging indien door voor rekening van de opdrachtgever komende omstandigheden het werk niet op tijd kan worden opgeleverd (art. 7 lid 3). Indien het werk van de aannemer vertraging ondervindt waarvoor de opdrachtgever verantwoordelijk is dient de aannemer de opdrachtgever daarop te wijzen (schriftelijk of mondeling met schriftelijke bevestiging). De aannemer doet er verstandig aan meteen tijd- en kostenconsequenties van de vertraging te vermelden.
Mogelijke vertragingsoorzaken:
- uitvoering juridisch of feitelijk niet tijdig mogelijk gemaakt door de opdrachtgever;
- derden lopen in de weg;
- ter beschikking gestelde of voorgeschreven bouwstoffen niet tijdig beschikbaar;
- verontreiniging bouwterrein;
- schorsing door opdrachtgever;
- verlies of beschadiging van bouwstoffen waarvoor opdrachtgever verantwoordelijk is;
- meerwerk.
8. Aanmaning door de opdrachtgever
- Indien de aannemer zijn verplichtingen met betrekking tot de aanvang of de voortzetting van het werk niet nakomt, kan de opdrachtgever hem schriftelijk aanmanen om zo spoedig mogelijk de uitvoering van het werk aan te vangen of voort te zetten (art. 18 lid 1). Indien de aannemer na verloop van 7 dagen na deze aanmaning nog steeds in gebreke is, kan de opdrachtgever het werk voor rekening van de aannemer door een derde laten uitvoeren of voortzetten (art. 18 lid 2).
- Indien de aannemer geen gevolg geeft (of: kan geven) aan de aanmaning en het werk door een derde wordt uitgevoerd, doet de aannemer er verstandig aan, erop toe te zien dat de kosten die met deze uitvoering gemoeid zijn binnen redelijke grenzen blijven.
De opdrachtgever is namelijk verplicht ervoor te zorgen dat deze kosten binnen de perken blijven (art. 18 lid 3).
9. Schorsen door de opdrachtgever
- De opdrachtgever is bevoegd de uitvoering van het werk te schorsen (art. 11 lid 1).
Indien de aannemer door de schorsing schade lijdt, dient de opdrachtgever deze te vergoeden.
- Indien de opdrachtgever de uitvoering van het werk schorst, dient de aannemer hem zo snel mogelijk schriftelijk te waarschuwen dat daarmee het risico voor schade aan het werk overgaat op de opdrachtgever (art. 11 lid 2).
10. Onvoorziene omstandigheden - Indien de aannemer het eerst op de hoogte raakt van onvoorziene omstandigheden, die een gewijzigde uitvoering noodzakelijk maken, dient hij de opdrachtgever hiervan op de hoogte te stellen. Hij dient de opdrachtgever daarbij vooraf schriftelijk te wijzen op de financiële consequenties (art. 19). 11. Opneming en oplevering
- De aannemer dient de opdrachtgever binnen een redelijke termijn voor voltooiing van het werk uit te nodigen tot opneming. De opneming geschiedt zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk binnen 8 dagen na voltooiing (art. 8 lid 1).
- De aannemer doet er verstandig aan zelf bij de opneming aanwezig te zijn.
Dit met het oog op:
- een goede verstandhouding met de opdrachtgever; er kan dan bijvoorbeeld gesproken worden over (herstel van) eventuele gebreken;
- de mogelijkheid dat sommige werken onmiddellijk kunnen worden goedgekeurd; wellicht geeft de opdrachtgever die goedkeuring (desgevraagd) meteen (hoewel hij daarvoor formeel 8 dagen de tijd heeft; art. 8 lid 2);
- een eventueel voornemen van de opdrachtgever het werk af te keuren hoewel er eigenlijk slechts "kleine gebreken" zijn (die geen reden tot onthouding van goedkeuring mogen zijn; zie art. 8 lid 6).
- Indien het werk niet tijdig is opgenomen, dient de aannemer bij aangetekende brief een nieuwe aanvraag tot de opdrachtgever te richten (art. 8 lid 4).
- De aannemer dient de "kleine gebreken" die bij opneming geconstateerd zijn, alsmede de gebreken die in de onderhoudstermijn zijn opgekomen zo spoedig mogelijk te herstellen (art. 9 lid 2). Daarbij dient de aannemer zich te bedenken dat de opdrachtgever niet is gehouden tot - volledige - betaling van de eindafrekening voordat de zojuist genoemde gebreken hersteld zijn (art. 16).
12. Eindafrekening
- De aannemer dient binnen een redelijke termijn na oplevering de eindafrekening in (art. 15 lid 1).
- De aannemer is bevoegd het bedrag van de eindafrekening te verhogen met een kredietbeperkingstoeslag van maximaal 2%. Deze toeslag wordt verschuldigd indien betaling plaatsvindt na de vervaldag (art. 15 lid 4).
- Indien de opdrachtgever niet tijdig betaalt, is hij met ingang van de vervaldag de wettelijke rente verschuldigd (art. 17 lid 1). Indien na 14 dagen na de vervaldag nog geen betaling heeft plaatsgevonden wordt de wettelijke rente met 2 punten verhoogd (art. 17 lid 1).
- Indien de opdrachtgever niet tijdig betaalt is de aannemer bevoegd tot invordering, mits hij de opdrachtgever schriftelijk heeft aangemaand om alsnog binnen 7 dagen te betalen en die betaling is uitgebleven (art. 17 lid 2). De aannemer die tot invordering wenst over te gaan, zal de opdrachtgever dus eerst schriftelijk moeten aanmanen alsnog binnen 7 dagen te betalen. De aannemer is daarbij gerechtigd de buitengerechtelijke kosten in rekening te brengen en deze te fixeren op 10% van de verschuldigde hoofdsom (art. 17 lid 2).
13. Na oplevering - Met het oog op eventuele aansprakelijkheid na oplevering doet de aannemer er verstandig aan zijn administratie van het werk ten minste 20 jaar na het einde van de onderhoudstermijn te bewaren. De wet gaat uit van een aansprakelijkheid gedurende 20 jaar! Gedurende die tijd kunt u het contract nodig hebben om aan te tonen, dat u gedurende een kortere periode aan te spreken bent. 14. Wijzigingen
Breng in de tekst van de Algemene Voorwaarden voor Aannemingen in het Bouwbedrijf 1992 (AVA 1992) geen wijzigingen aan!
Als opdrachtgever en aannemer overeenkomen om op onderdelen van deze voorwaarden af te wijken vermeld dit dan in de overeenkomst op een aparte door partijen te ondertekenen bijlage!
15. Gefixeerde schadevergoeding De gefixeerde schadevergoeding bij overschrijding van de overeengekomen bouwtijd in art. 7 lid 4 van de algemene voorwaarden is uitgedrukt in NLG en dient i.g.v. toepassing te worden omgerekend in euro’s. 16. BouwGarant Aan de overeenkomst is een BouwGarant verklaring toegevoegd. Aannemers die lid zijn van Stichting BouwGarant zijn namelijk verplicht om hun opdrachtgevers de mogelijkheid te bieden om gebruik te maken van de VerBOUWgarantie. Dit kan eenvoudig door het BouwGarant-aanhangsel met de overeenkomst mee te zenden. In de eerste zin dient de aannemer aan te geven of hij al dan niet lid is van BouwGarant.
Overeenkomst van aanneming van werk
